1. Home
  2.   Onderwerpen
  3.   Toezicht en handhaving
  4.   Maatregelen
  5. Maatregelen die de inspectie kan opleggen

Toezicht en handhavingMaatregelen die de inspectie kan opleggen

De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) kan een maatregel opleggen als wij oordelen dat de zorg van onvoldoende niveau is. Of als er door zwakke plekken in de zorg een te groot risico is op schade voor patiënten. We kunnen ook maatregelen nemen tegen fabrikanten en leveranciers van geneesmiddelen of medische producten.

Juiste verhouding

We treden altijd proportioneel op. Dit betekent dat de maatregel in de juiste verhouding staat tot bijvoorbeeld het risico of de overtreding. Hoe groter het risico voor patiënten of cliënten, hoe zwaarder de maatregel. Hebben we veel vertrouwen in de zorgverlener of fabrikant? Dan kan een lichte maatregel al genoeg zijn.

We treden krachtig op bij misstanden zoals mishandeling van ouderen, seksueel grensoverschrijdend gedrag en onbetrouwbare zorgverleners. Vermoeden we dat er een strafbaar feit is gepleegd? Dan nemen we contact op met het Openbaar Ministerie (OM).

Welke maatregelen we kunnen nemen en hoe we deze toepassen is vastgelegd in het IGZ Handhavingskader. Een deel van deze maatregelen maken we actief openbaar. Bijvoorbeeld een verscherpt toezicht, bevel of aanwijzing. De maatregel blijft na beëindiging hiervan drie jaar op de website van de inspectie staan.

Hieronder staat een schematische weergaven en een korte beschrijving van de meest bekende maatregelen. Klik op de afbeelding voor een vergroting of lees de uitgeschreven tekst (pdf-bestand, 44,6 kB).

Schematische weergave maatregelen klein

Naar boven

Stimuleren en adviseren

De inspectie gebruikt verschillende middelen om zorgverleners te stimuleren de zorg te verbeteren. Dat kan een persoonlijk gesprek zijn met een directeur van een instelling.

Maar ook een artikel in een medisch tijdschrift gericht op alle zorgverleners. Bijvoorbeeld over hygiëne in de ouderenzorg. De inspectie brengt ook circulaires uit. Dit is een brief aan een groep zorgverleners waarin zij vraagt om iets te doen. Een voorbeeld is de circulaire over het juiste gebruik van propofol. Een medicijn dat wordt gebruikt om patiënten snel onder narcose te brengen.

Als stimuleren en adviseren te weinig resultaat oplevert zet de inspectie zwaardere maatregelen in.

Naar boven

Corrigerende maatregelen

Verbeterplan
De inspectie kan de zorgverlener om een verbeterplan vragen. Daarin moet staan hoe een zorgaanbieder ervoor zorgt dat hij de zorg verbetert. En binnen hoeveel tijd dit gebeurt. De inspecteur controleert of de zorg ook echt is verbeterd, bijvoorbeeld door een onverwacht bezoek.

Als het te lang duurt of de verbeteringen niet genoeg zijn, kan de inspectie een traject van verscherpt toezicht starten.         


Verscherpt toezicht 
Bij verscherpt toezicht let de inspectie extra op een zorgaanbieder. De inspecteur houdt in een periode van verscherpt toezicht nauw contact met de zorgaanbieder. Dat doet de inspecteur bijvoorbeeld door het afleggen van (onverwachte) extra bezoeken. Met het opleggen van verscherpt toezicht krijgt de zorgaanbieder een kans om binnen een bepaalde periode te laten zien dat zij verbeteringen doorvoert. De inspectie publiceert de brief en het rapport waarmee het verscherpt toezicht wordt opgelegd, op haar website.

Voldoet de zorgaanbieder in de periode van het verscherpt toezicht niet aan de eisen die de inspectie stelt? Dan kan de inspectie een zwaardere maatregel inzetten, zoals een aanwijzing.

Naar boven

Bestuursrechtelijke maatregelen

Intrekken vergunning
Fabrikanten hebben een vergunning nodig om medicijnen en medische hulpmiddelen te mogen produceren. De inspectie kan deze vergunning intrekken als deze fabrikanten de regels overtreden.         


Aanwijzing
De inspectie kan een solistisch werkende zorgverlener of een instelling een aanwijzing geven. Met een aanwijzing kan de inspectie verplichten om verbetermaatregelen te nemen. Een aanwijzing is een bestuursrechtelijke handhavingsmaatregel. In de aanwijzing geeft de inspectie namens de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) aan welke maatregelen de zorgaanbieder moet nemen om de zorg te verbeteren. Voldoet de instelling of de solistisch werkende zorgverlener niet aan een aanwijzing? Dan kan de inspectie dit alsnog afdwingen met een last onder bestuursdwang of een last onder dwangsom. 


Bevel
Wanneer er sprake is van gevaar voor de veiligheid of gezondheid van cliënten of patiënten, kan de inspectie een bevel opleggen. Dit kan alleen wanneer het gevaar zo groot is dat er niet op een andere maatregel kan worden gewacht. Ook het bevel is een bestuursrechtelijke handhavingsmaatregel.

Het bevel kan bijvoorbeeld inhouden dat een instelling (of een afdeling van een instelling) moet sluiten. Verder kan het bevel inhouden dat bepaalde handelingen niet meer mogen worden uitgevoerd. De inspectie kan via een bevel een solistisch werkende zorgverlener dwingen zijn werk neer te leggen.

Een bevel duurt maximaal 7 dagen en de minister van VWS kan deze verlengen. Voldoet een instelling of een solist niet aan het bevel? Dan kan de inspectie dit alsnog afdwingen met een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang.


Bestuursdwang
Dit is een herstelsanctie die de inspectie kan opleggen om iets af te dwingen. Er zijn twee soorten: 

1. Last onder dwangsom 
Bij een last onder dwangsom draagt de inspectie een zorgaanbieder op te stoppen met een overtreding. Voor elke periode (bijvoorbeeld een week) dat de zorgaanbieder dit niet doet, moet zij een dwangsom betalen. De dwangsom stopt als de overtreding is opgeheven. De inspectie gebruikt de last onder dwangsom bijvoorbeeld als een zorgaanbieder een aanwijzing of een bevel niet naleeft.

De inspectie kan ook direct een last onder dwangsom opleggen, namelijk wanneer een zorgaanbieder een wettelijke bepaling niet naleeft. Bijvoorbeeld wanneer een zorgaanbieder geen inzage geeft in de dossiers. 

2. Last onder bestuursdwang 
Wanneer de zorgaanbieder niet aan de wet voldoet kan de inspectie ervoor kiezen om een last onder bestuursdwang opleggen. Een last onder bestuursdwang betekent dat de inspectie zelf ingrijpt in een situatie. De inspectie kan daar ook iemand voor inhuren. De kosten van deze oplossing moet de overtreder dan betalen. Draagt een instelling bijvoorbeeld zijn patiënten niet over, dan kan de inspectie zelf de patiënten overplaatsen of laten overplaatsen naar een andere instelling.


Bestuurlijke boete         
Een bestuurlijke boete is een boete die zonder tussenkomst van het Openbaar Ministerie (OM) of rechter kan worden opgelegd. Deze boete valt dus niet onder het strafrecht maar onder het bestuursrecht. Een boete heeft wel een bestraffend karakter en moet ook direct worden betaald. De inspectie kan een boete opleggen wanneer een instelling of een solistisch werkende zorgverlener bepaalde overtredingen heeft begaan. De wet moet dan wel van te voren aangeven dat op die overtreding een boete staat. Lees hier meer informatie over de bestuurlijke boete.

Naar boven

Tuchtrechtelijke maatregelen

Tuchtklacht
De inspectie kan bij het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg een klacht indienen tegen een zorgverlener. Tuchtrecht heeft vooral als doel het bewaken en bevorderen van de kwaliteit van de gezondheidszorg. Het tuchtrecht is vastgelegd in de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG). Deze wet somt op welke beroepsgroepen onder het tuchtrecht vallen. Dit zijn de arts, tandarts, apotheker, gezondheidszorgpsycholoog, psychotherapeut, fysiotherapeut, verloskundige, en verpleegkundige.

De tuchtrechter stelt vast of de zorgverlener de regels die voor zijn werk gelden heeft overtreden. Vervolgens kan hij besluiten om een maatregel tegen de zorgverlener te nemen. Dit kan uiteenlopen van een boete of een waarschuwing tot een tijdelijke of permanente schorsing. Ook burgers kunnen een klacht indienen tegen een zorgverlener bij het Tuchtcollege. Zie hiervoor ook het BIG-register.


College voor Medisch Toezicht
De inspectie kan ook een voordracht doen bij het College voor Medisch Toezicht. Dit gebeurt als de inspectie oordeelt dat een zorgverlener ongeschikt is om zijn beroep uit te oefenen, bijvoorbeeld door ziekte of verslaving.

Naar boven

Strafrechtelijke maatregelen

Opsporen van strafbare feiten
De inspectie heeft opsporingsambtenaren in dienst die meer bevoegdheden hebben dan een inspecteur. De inspectie zet deze mensen in bij het opsporen van strafbare feiten. Bijvoorbeeld als er een vermoeden is van seksueel misbruik door een zorgverlener. Of bij signalen dat er gefraudeerd wordt in een zorginstelling. Maar ook bij het terugdringen van de handel in illegale medicijnen.

Deze opsporingsambtenaren mogen bijvoorbeeld mensen verhoren of medicijnen in beslag nemen. De inspectie werkt bij dit soort zaken nauw samen met politie, douane en de FIOD.
Ook kan de inspectie aangifte doen bij het Openbaar Ministerie (OM). Die beslist of er wordt vervolgd en of de zaak voor de rechter komt. Zie hiervoor verder het samenwerkingsprotocol tussen de IGZ en het OM.

Naar boven