1. Home
  2.   Onderwerpen
  3.   Verpleging en langdurige zorg
  4.   Zorg thuis
  5. Netwerken langdurige zorg thuis

Zorg thuisNetwerken langdurige zorg thuis

Mensen die langdurig (intensieve) zorg en ondersteuning thuis krijgen hebben vaak te maken met verschillende zorg- en hulpverleners om hen heen. Daarnaast zijn er vaak mantelzorgers en soms ook vrijwilligers bij de zorg betrokken. Al die mensen vormen samen het ‘netwerk’ rondom de cliënt.

Toezicht op netwerken in de langdurige zorg thuis

De samenwerking tussen de zorg- en hulpverleners onderling is heel belangrijk voor goede kwaliteit van zorg. Ook afstemming tussen zorgverleners en de mantelzorg is hierbij belangrijk. Met het project ‘Toezicht op netwerken in de langdurige zorg thuis’ onderzochten we hoe we de zorg en ondersteuning die mensen thuis ontvangen kunnen toetsen op kwaliteit en veiligheid. Het project was gericht op vier belangrijke thema’s:

  1. De cliënt centraal;
  2. Integrale en afgestemde zorg;
  3. Aandacht voor mogelijkheden van mantelzorg en vrijwilligers;
  4. Veiligheid (in de woon- en leefsituatie, in zorgrelaties en medicatieveiligheid).

Het ontwikkelde toezicht heeft de inspectie getest in twee proefgebieden. We zijn in deze proefgebieden in gesprek gegaan met een aantal cliënten en mantelzorgers om hun ervaringen te horen met de langdurige zorg thuis. Ook spraken we met de zorg- en hulpverleners van deze cliënten en gekeken hoe de netwerken rondom deze cliënten functioneren. Aan de hand van de opgedane ervaringen bekijken we nu hoe zij verder gaat met dit toezicht.


Naar boven

Toetsingskader

Voor toezicht op netwerken in de langdurige zorg thuis heeft de inspectie het toetsingskader 'Toezicht op netwerken in de zorg thuis' ontwikkeld. Aan de hand van dit toetsingskader kijkt de inspectie naar netwerken van zorg- en hulpverleners rondom cliënten thuis. De samenwerking en samenhang in deze netwerken is belangrijk voor de kwaliteit van de zorg thuis. Belangrijk uitgangspunt van dit toetsingskader is dat de kwaliteit en veiligheid van de zorg thuis is benaderd vanuit het perspectief van cliënten.


Meer informatie

Naar boven

Onderzoek naar toezicht op netwerken in de zorg thuis

Mede op verzoek van de inspectie onderzochten twee onderzoeksinstituten hoe het toezicht op netwerken in de zorg thuis eruit zou kunnen zien. De resultaten van deze onderzoeken zijn begin september 2016 gepubliceerd.

Onderzoek VUmc/Emgo+ 
VUmc/Emgo+ publiceerde het rapport ‘Toezicht op zorgnetwerken van thuiswonende kwetsbare ouderen’.

Dit onderzoek laat zien dat de samenwerking binnen de netwerken rondom zelfstandig wonende ouderen verbeterd kan worden. In de onderzochte netwerken waren de zorg- en hulpverleners regelmatig niet op de hoogte van elkaars betrokkenheid. Ze hadden weinig onderlinge contacten. De regie rondom de zorg- en hulpverlening lag voornamelijk bij de ouderen zelf, maar afspraken binnen het netwerk over het monitoren en signaleren wanneer dit niet meer gaat ontbraken veelal.

Volgens de onderzoekers van VUmc/Emgo+ kunnen hierdoor risico’s optreden voor zelfstandig wonende ouderen. De onderzoekers zien een agenderende en stimulerende rol voor de inspectie bij het verbeteren van de samenwerking tussen betrokkenen in het netwerk. Zij adviseren de inspectie in gesprek te gaan met het veld over noodzakelijke verbeteringen in de samenwerking in netwerken en om voldoende ruimte te laten voor regionaal maatwerk. Ouderen krijgen vaak een combinatie van zorg en ondersteuning. Daarom moet de inspectie volgens de onderzoekers zelf ook de samenwerking zoeken met de gemeentelijk toezichthouder op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

Uit het onderzoek bleek dat het betrekken van cliënten bij het toezicht in de proefgebieden door de betrokkenen positief ontvangen werd. Ze adviseren de inspectie om dit te blijven doen.

Onderzoek Nivel 
Het Nivel publiceerde het rapport ‘Conceptueel kader voor de ontwikkeling van toezicht op samenwerking in de zorg en ondersteuning van kwetsbare cliënten thuis’.

De onderzoekers concluderen dat de samenwerking tussen zorgverleners/-aanbieders in de zorg thuis nog onvoldoende lijkt op een netwerk. De inspectie kan een netwerk als geheel niet aanspreken op de kwaliteit van de samenwerking, maar wel de afzonderlijke zorgverleners en -aanbieders.

De onderzoekers zien samenwerking als een belangrijk thema in de zorg rond kwetsbare mensen thuis. Samenwerking hoort bij goede zorg.

Volgens het Nivel kan de inspectie haar toezicht op samenwerking het best regionaal organiseren en de nadruk leggen op dialoog en het bevorderen van het lerend vermogen van het veld. Daarnaast kan de inspectie in haar reguliere toezicht op zorgverleners en -aanbieders aandacht besteden aan samenwerking.


Naar boven

Betekenis voor toezicht

De inspectie is blij met beide onderzoeksrapporten. Deze helpen bij het inrichten van het toezicht op netwerken in de zorg thuis in een veranderend zorglandschap.
De conclusies onderstrepen het belang van samenwerking tussen zorgverleners en -aanbieders in de zorg thuis om zo risico’s voor kwetsbare mensen te verminderen. Verder laten de conclusies zien dat toezicht op netwerken een andere werkwijze vraagt van de IGZ.

Daarbij ziet de inspectie niet alleen toe op individuele zorgverleners en –aanbieders, maar ook op hun onderlinge samenwerking in een gemeente of een regio. Deze andere werkwijze vraagt ook van de inspectie meer samenwerking. Zowel binnen de inspectie - tussen de verschillende afdelingen - als extern met de gemeentelijk toezichthouders op de Wmo.

Het perspectief van de burger blijft bij dit toezicht een belangrijk uitgangspunt. De inspectie zal dan ook burgers blijven betrekken bij het toezicht op netwerken in de zorg thuis. De onderzoeken benadrukken verder het belang van dialoog van de inspectie met het veld over het thema samenwerking. Om zo het lerend vermogen van zorgverleners en -aanbieders te bevorderen.

De inspectie gebruikt de onderzoeksresultaten en de ervaringen opgedaan in de testen in de proefgebieden bij het vaststellen van haar toezichtbeleid op netwerken in de zorg thuis voor 2017.

Naar boven

Academische Werkplaats Toezicht 
Dit onderzoek werd uitgevoerd binnen de Academische Werkplaats Toezicht (AWToezicht). Dit is een samenwerkingsverband van de IGZ met ZonMw en de kennisinstituten IQ healthcare (RadboudUmc), instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (Erasmus Universiteit Rotterdam), NIVEL (Utrecht) en VUmc-EMGO+.

In AWToezicht verband wordt onderzoek gedaan naar de werking en effecten van toezicht. Hiermee kan de IGZ haar toezicht verder ontwikkelen door: ‘het beste wetenschappelijke bewijs, de individuele professionele expertise van de inspecteurs én de waarden van de patiënt samen te brengen’.

Naar boven