1. Home
  2.   Onderwerpen
  3.   Publieke en geestelijke gezondheidszorg
  4. Infectieziekten

Infectieziekten

De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) houdt toezicht op de partijen die een rol spelen bij de signalering, de preventie en de bestrijding van infectieziekten, binnen de publieke gezondheidszorg en binnen de zorginstellingen.

De veroorzakers van infectieziekten zijn micro-organismen zoals bacteriën, virussen en parasieten. Deze micro-organismen kunnen mens en dier besmetten. De infectieziekte die zij veroorzaken heeft soms de naam van het micro-organisme, maar soms heeft de ziekte een eigen naam. De bacterie Salmonella veroorzaakt bijvoorbeeld de ziekte salmonellose, maar een  besmetting met het influenzavirus noemen we meestal griep.

Naar boven

Infectieziektebestrijding in de publieke gezondheidszorg

De huisarts ziet in veel gevallen een patiënt met een infectieziekte het eerst en speelt dus een belangrijke rol in de infectieziektebestrijding. De huisarts moet een aantal infectieziekten aan de GGD melden, zoals Q-koorts, tuberculose, tetanus, en humane infectie met een dierlijk influenzavirus. In totaal zijn 43 infectieziekten meldingsplichtig. Een overzicht van deze ziekten staat op de website van het RIVM.

Naar boven

De arts moet een infectieziekte die niet in deze lijst staat toch melden als hij ongewone aantallen patiënten met die infectieziekte ziet. Het laboratorium dat deze ziekten vaststelt meldt ook bij de GGD, zodat er geen gevallen worden gemist. De GGD meldt vervolgens aan het Centrum Infectieziektebestrijding (CIb).

Meer informatie

Naar boven

De regionale GGD’en zijn belangrijk in de dagelijkse bestrijding van infectieziekten binnen de publieke gezondheidszorg. Zij geven voorlichting en adviezen aan de bevolking over de preventie en risico’s van infectieziekten, schrijven medicijnen voor of geven vaccinaties. Bij uitbraken van meldingsplichtige infectieziekten sporen zij de bron van een uitbraak op en zetten de bestrijding in. De IGZ ziet er bij de GGD’en op toe dat ze hun taken goed uitvoeren. De IGZ houdt toezicht op het functioneren van dit systeem en daarmee bewaakt zij de volksgezondheid.

In 2015 onderzocht de IGZ  de infectieziektebestrijding door GGD’en. In 2015 constateerde de inspectie dat de infectieziektebestrijding goed, maar kwetsbaar was. Tijdens vervolgonderzoek in 2016  zag de inspectie dat de kwetsbaarheid sterk is verminderd. Dat komt onder meer doordat GGD’en beter samenwerken, intern, maar ook met andere GGD’en en partners in het netwerk. Daar hebben ze hard aan gewerkt. Zie verder dit rapport.

Naar boven

Een ander belangrijk onderwerp voor de IGZ is het toezicht op de landelijke en regionale voorbereiding op grootschalige uitbraken van infectieziekten zoals een grieppandemie.

Naar boven

Infectieziektebestrijding binnen zorginstellingen

Als infectieziekten zich verspreiden binnen een zorginstelling kan dat ernstig zijn, omdat de patiënten van een zorginstelling vaak een verminderde afweer hebben. Ook kunnen infecties ontstaan in een zorginstelling, bijvoorbeeld in een ziekenhuis. Dit noemen we ‘zorginfecties’. Een voorbeeld van een zorginfectie is een wondinfectie na operatie, of een urineweginfectie bij  een patiënt met een urinewegkatheter. Het is niet mogelijk om het aantal zorginfecties tot nul terug te brengen. Wel kunnen en moeten instellingen maatregelen nemen, bijvoorbeeld op het gebied van hygiëne, om de kans op het ontstaan van een zorginfectie kleiner te maken.

Naar boven

De IGZ ziet er op toe dat de zorginstellingen hun infectiepreventiebeleid op orde hebben en er alles aan doen om de verspreiding van infectieziekten en het ontstaan van zorginfecties zo goed als mogelijk tegengaan. Het veld stelt zelf de richtlijnen op die beschrijven hoe dit het beste aangepakt kan worden. De IGZ ziet er op toe dat de richtlijnen er zijn en dat zorginstellingen ze toepassen.

In het najaar van 2016 organiseren we een zestal interactieve roadshows rond het thema infectiepreventie en antibioticagebruik binnen verpleegzorginstellingen. Op deze manier willen we de discussie in het zorgveld over dit thema een nieuwe impuls geven. Met als uiteindelijk doel de bewustwording te vergroten, draagvlak te creëren en de intrinsieke motivatie te verbeteren. Lees hier meer over deze roadshows.

Naar boven

Signaleringsoverleg

Bij het RIVM zijn 3 signaleringsoverleggen ondergebracht om signalen samen te brengen en tijdig in te kunnen grijpen bij eventuele uitbraken en verspreiding van infectieziekten te voorkomen:

Ziekenhuizen melden uitbraken van infectieziekten bij het SO-ZI/AMR, die de ernst van de uitbraak categoriseert door een fasering toe te kennen. Indien een uitbraak zich bevindt in fase 4 moet het ziekenhuis dit melden bij de inspectie. In dat geval is de patiëntveiligheid en toegankelijkheid van zorg mogelijk in het geding. Ook andere zorginstellingen, zoals verpleeghuizen, kunnen melden bij het SO-ZI/AMR.

Meer informatie

Naar boven

Besmetting dier op mens

De gezondheid van mens en dier is nauw verbonden. De micro-organismen die infectieziekten veroorzaken kunnen soms alleen mensen besmetten, soms alleen dieren, maar vaak ook kunnen ze van dier op mens overgaan. Ziekten die van dier op mens overgaan heten zoönosen. Er zijn al veel bekende voorbeelden van dergelijke  ziekten, zoals Q-koorts, salmonellose, vogelgriep en toxoplasmose. De verwachting is dat het aantal zoönosen in de toekomst toenemen. Van de infectieziekten die ons nu bedreigen of die ons nog te wachten staan komt ongeveer driekwart vanuit de dierpopulatie. De Nederlandse Voedsel en Waren Autoriteit ( NVWA) en de IGZ zien er samen op toe dat artsen en dierenartsen de risico’s voor de volksgezondheid die voortkomen uit zoönosen zo klein mogelijk houden.

Meer informatie

Naar boven

Antibioticaresistentie

Een groot wereldwijd probleem is de toename van resistentie van bacteriën. Steeds meer soorten bacteriën worden resistent tegen steeds meer soorten antibiotica. Hierdoor kan een patiënt met een infectieziekte soms niet meer goed behandeld worden met antibiotica, omdat die antibiotica niet meer werken. Daarom moeten artsen en dierenartsen alleen antibiotica voorschrijven als het echt noodzakelijk is en moeten de antibiotica nauwkeurig toegepast zijn op de ziekteverwekker. Ook moeten artsen en dierenartsen er nog beter voor zorgen dat infecties zich niet verspreiden, zodat antibiotica niet nodig zijn. Om het ontstaan en het verspreiden van infectieziekten tegen te gaan kunnen zij bijvoorbeeld hygiënemaatregelen nemen en vaccineren.

Naar boven

De IGZ en de NVWA zien erop toe dat artsen en dierenartsen hun methodes en richtlijnen aanpassen en navolgen, zodat de resistentieproblemen niet nog groter worden. Alleen dan blijven antibiotica in de toekomst bruikbaar.

Meer informatie

Naar boven

Onderzoeken

Naar boven

Beheersing van biologische agentia (bacteriën, virussen, schimmels en parasieten)

Het werken met bacteriën, virussen, schimmels en parasieten brengt risico’s met zich mee. Daarom is het belangrijk dat instellingen voldoende maatregelen nemen om te voorkomen dat deze zogeheten ‘biologische agentia’ worden ontvreemd of onbedoeld ontsnappen. De inspectie heeft in 2011, 2012 en 2013 onderzoek gedaan naar het ‘bioriskbeleid’ van ziekenhuizen en medisch microbiologische laboratoria.

Naar boven