1. Home
  2.   Onderwerpen
  3.   Toezicht en handhaving
  4. Jaarverantwoording Zorg

Toezicht en handhavingJaarverantwoording Zorg

Hier leest u meer over de Jaarverantwoording Zorg en de rol van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) bij de verantwoording.

Wat en waarom

Een WTZi-toegelaten instelling moet zijn jaarstukken voor 1 juni van ieder jaar elektronisch deponeren bij het CIBG. Dit heet de Jaarverantwoording Zorg en kan via de website www.jaarverslagenzorg.nl.

Deze instellingen zijn wettelijk verplicht om jaarlijks verantwoording af te leggen over de manier waarop de instelling het geld uit de AWBZ en Zorgverzekeringswet besteedt. Daarnaast geeft de jaarverantwoording instellingen de mogelijkheid maatschappelijke verantwoording af teleggen over de besteding van publiek geld en over de totale organisatie van de instelling. Op deze manier wordt bijgedragen aan transparantie binnen de zorgsector.

Het CIBG is verantwoordelijk voor het elektronische systeem waarin de gegevens gedeponeerd moeten worden. Dit systeem bevat ook alle contactgegevens van instellingen die verantwoordingsplichtig zijn.

Naar boven

Rol IGZ

De inspectie is verantwoordelijk voor de handhaving op de Jaarverantwoording Zorg. Na 6 juni krijgt de inspectie van het CIBG een overzicht met instellingen die niet aan de verplichting Jaarverantwoording Zorg hebben voldaan.

Instellingen die geen uitstel hebben gekregen van de inspectie, kunnen dan een brief met een ‘voornemen last onder dwangsom’ verwachten. Als ze daar niet binnen 4 weken op reageren, volgt de last onder dwangsom zelf.

Naar boven

Uitstel

Uitstel kan worden aangevraagd met het formulier Uitstel Jaarverantwoording Zorg (pdf-bestand, 85 kB). Een instelling kan voor 1 april uitstel aanvragen voor het deponeren van de Jaarverantwoording Zorg. Komt het verzoek na 1 april, dan neemt de inspectie dit in principe niet in behandeling. Alleen wanneer er sprake is van overmacht kijkt de inspectie naar het verzoek.

Naar boven

Voornemen last onder dwangsom

Wanneer een instelling na 1 juni de Jaarverantwoording Zorg niet (volledig) heeft gedeponeerd, ontvangt de bestuurder een brief van de inspectie met een voornemen last onder dwangsom. Deze brief is een waarschuwing. Wanneer de instelling binnen 4 weken alsnog de Jaarverantwoording Zorg deponeert heeft dat geen verdere consequenties.

Wanneer het voor een instelling feitelijk onmogelijk is om de vereiste stukken aan te leveren, kan zij binnen deze periode ook haar zienswijze aan de inspectie kenbaar maken. Op basis hiervan kan de inspectie in uitzonderlijke situaties besluiten geen last onder dwangsom op te leggen.

Naar boven

Last onder dwangsom

Heeft het CIBG 4 weken na het versturen van het voornemen last onder dwangsom nog geen (volledige) stukken voor de Jaarverantwoording Zorg ontvangen? Dan brengt het CIBG de inspectie hiervan op de hoogte en stuurt de inspectie een brief met een last onder dwangsom aan de bestuurder van de instelling.

De instelling heeft vanaf dat moment nogmaals 4 weken de tijd om aan haar verplichtingen te voldoen. Na 4 weken begint een termijn van maximaal 10 weken te lopen. Voor iedere week dat de instelling niet aan haar verplichtingen heeft voldaan wordt een last opgelegd. Bij volledig nalaten gaat het om een last van €1.000,- per week, met een maximum van €10.000,-. Bij het nalaten van een beperkte Jaarverantwoording Zorg bedraagt de last €500,- per week, met een maximum van €5000,-.

Wanneer na deze periode de Jaarverantwoording Zorg nog steeds niet is gedeponeerd, kan de inspectie opnieuw een last onder dwangsom opleggen. Dat begint weer met een voornemen last onder dwangsom.

Naar boven

Incassering

Na afloop van de termijn van 10 weken wordt met een invorderingsbesluit de last geïncasseerd.

Naar boven

Bezwaar maken

Tegen het besluit van afwijzing van het verzoek tot uitstel, het opleggen last onder dwangsom en het invorderingsbesluit staat de mogelijkheid van bezwaar en beroep open. Zie ook ‘Hoe kan ik bezwaar indienen tegen een besluit van de inspectie?’.

Naar boven

Verschil dwangsom en boete

Zowel bij een dwangsom als bij een boete is een geldbedrag verschuldigd, maar het is niet hetzelfde. Een dwangsom is bedoeld om onrecht te herstellen, en alsnog te zorgen dat aan de verplichtingen wordt voldaan. Een boete is bedoeld om leed toe te voegen, dus bijvoorbeeld om iemand extra te laten voelen dat iets niet de bedoeling is. De last onder dwangsom is dan ook een ‘reparatoire’ sanctie.

Naar boven

Meer informatie

Heeft u vragen nog specifieke vragen over de Jaarverantwoording Zorg? Bekijk dan de aanvullende veelgestelde vragen met antwoorden. Staat uw vraag er niet tussen? Neem dan contact op met het Meldpunt IGZ.

Naar boven

Meer informatie